Pensioendesk helpt partijen beter te communiceren

Zoals over de verschillende pensioenregelingen, UPO's  en meer...

Pensioen Scenario's

Het adviseren van een werkgever over een tweedepijler pensioenproduct van een verzekeraar (hierna pensioenproduct) valt onder de reikwijdte van de Wet op het financieel toezicht ('Wft'). 
Pensioendesk Nederland ondersteunt haar deelnemers bij juiste toepassing van de 'AFM-leidraad tweedepijler pensioenadvisering' en helpt adviestrajecten waar mogelijk te verbeteren.

Dit is zowel in het belang van de werkgevers als van de werknemers. Maar ook voor onze eigen deelnemers, om te ondersteunen dat het gehanteerde adviestraject voldoet aan de actuele wettelijke eisen.

Wat betekent dit voor u?

Een werkgever kan een nieuwe pensioenregeling voor zijn medewerkers willen afsluiten. Of hij kan een bestaande pensioenregeling willen aanpassen. In beide gevallen kan hij hiervoor advies vragen aan de regionale pensioendeskkantoren.

Voordat zij advies kunnen geven, is er veel informatie nodig over uw onderneming, uw financiële positie, uw doelstellingen, uw risicobereidheid, uw kennis van pensioenvoorzieningen en eventuele ervaringen. Relevante informatie over uw onderneming is bijvoorbeeld ook de te verwachten ontwikkelingen van de onderneming in de toekomst.

Op basis van deze informatie kunt u van ons een gedegen advies verwachten. Wij zijn adviseur van de werkgever, ondernemingsraad of beide partijen gezamenlijk. Ons adviestraject bestaat overigens uit 4 fasen.

Adviestraject

Inventarisatie 
In deze fase zijn wij wettelijk verplicht om bij de werkgever informatie in te winnen over:

  • Kennis en ervaring
  • De financiële positie van de onderneming
  • De doelstelling van de werkgever
  • De risicobereidheid van de werkgever

Allemaal voor zover relevant voor het op te stellen pensioenadvies. 

Pensioendesk Nederland verwacht van een adviseur dat in deze fase aandacht geschonken wordt aan alle relevante gegevens, kenmerken, wensen en behoeften van de werkgever. Maar ook dat de door u (mondeling) verstrekte gegevens worden gecontroleerd op juistheid en volledigheid, voor zover mogelijk. In deze fase informeren wij de werkgever in algemene zin over alle relevante pensioensconstructies. Dit past in het dynamische proces van inventarisatie, analyse en advies.

Analyse
In de analysefase vertalen wij de kenmerken van uw onderneming, uw financiële positie, uw doelstellingen, uw risicobereidheid en uw kennis en ervaring naar de mogelijkheden voor een pensioenregeling en/of pensioenproduct. Deze analyse kunnen wij actuarieel onderbouwen.

Advies en nazorg 
Wij brengen een advies uit dat aansluit bij uw wensen en doelstellingen, op basis van alle verzamelde informatie. In geval door een pensioenadviseur een pensioenproduct is afgesloten zal de adviseur gedurende de looptijd van het pensioenproduct de onderneming ondersteunen. De mate van ondersteuning wordt vastgelegd in een SLA (Service Level Agreement). 

Vanuit Pensioendesk Nederland ondersteunen wij pensioenspecialisten en deelnemers bij het dynamische adviesproces van inventarisatie en analyse om tot een passend advies te komen. 

Het toelichten van een pensioenregeling valt niet onder deWft-eisen 'passend advies'. Zodra u als werknemer diverse keuzes moet maken en u vraagt een pensioenadviseur om advies dan volgt een uitgebreide inventarisatie van uw kennisniveau, uw financiële positie, uw doelstellingen en wensen.

Uit onderzoek is gebleken dat een aantal zaken voor u als werknemer zeer belangrijk zijn. Uiteraard houden wij hierbij rekening binnen ons advies.

1. What's in it for me: persoonlijk relevante informatie

U als werknemer heeft behoefte aan informatie op maat. Het is van belang om u te voorzien van informatie die persoonlijk relevant is, en aansluit bij uw levenssituatie. Wij hebben er geen belang bij om u te overspoelen met informatie die niet voor u van toepassing is. Belangrijke adviesmomenten zijn 'life events' waarmee u mogelijk te maken krijgt, zoals het wisselen van baan, trouwen of scheiden.

2. U wenst een totaalbeeld

Voor u is één ding van groot belang: wat krijg ik na mijn pensionering maandelijks op mijn bankrekening gestort? Echter, in de praktijk ontvangt (nagenoeg) niemand een dergelijk overzicht. Ondanks de komst van een Nationaal Pensioenregister is het verkrijgen van een totaaloverzicht nog steeds een zeer complexe exercitie. U bent in de regel gebaat bij netto pensioenoverzichten, en integratie van de AOW in de totaalbedragen.

Wij verwachten dat Nationaal Pensioenregister een belangrijke rol kan gaan spelen bij het integreren van de pensioeninformatie.

3. Persoonlijk contact is essentieel

Ondanks de opkomst van internet en de pensioenplanners blijft het persoonlijk contact met de deelnemer een zeer effectieve communicatie methode. Gezien de lage betrokkenheid van deelnemers bij hun pensioen kunnen pensioenuitvoerders niet volstaan met het passief aanbieden van informatie, maar dienen ze pro-actief in contact te treden met hun deelnemers.

Het persoonlijk contact is hier uitermate geschikt voor. Het persoonlijk contact kan de vorm aannemen van één op één gesprekken, maar kan ook groepsgewijs. Zo organiseren wij themabijeenkomsten voor nieuwe medewerkers of geven we collectief uitleg over de pensioenregeling en bijvoorbeeld een Uniform Pensioenoverzicht. Ook het inzetten van pensioenambassadeurs (bijvoorbeeld HR medewerkers) binnen het bedrijf helpt bij het creëren van pensioenbewustzijn.

4. Pensioencommunicatie: een logisch geheel

Het is van belang dat de communicatie van pensioenuitvoerder richting deelnemer een logisch geheel vormt. Communicatiemomenten dienen op elkaar afgestemd te zijn. Daarnaast is het ook van belang om ervoor te zorgen dat de verschillende communicatiemomenten afzonderlijk van elkaar te begrijpen zijn. Ook hier speelt de kracht van herhalen in periodieke informatievoorzieningen.

Wij kunnen voor werkgevers en werknemers jaarlijks EB-statements verzorgen waarin niet alleen de pensioensituaties (grafisch) in beeld worden gebracht, maar ook de overige arbeidsemolumenten zichtbaar worden gemaakt.

5. De werkgever als belangrijke steunzender

De band tussen u als werknemer met uw werkgever is vaak sterker dan de band tussen u en uw pensioenuitvoerder. De werkgever is een bekende en constante factor voor de deelnemer, en kan daarom een effectief kanaal zijn om de pensioenboodschap over te brengen.

Het is zaak om de werkgever ervan te overtuigen dat ook zijn inspanning noodzakelijk is om te komen tot een goed geïnformeerde deelnemer. Zowel de pensioenuitvoerder als uw werkgever hebben een informatieplicht. De HR afdeling kan hierbij een sleutelrol spelen.

6. Life event gerichte communicatie

Naast de werkgever zijn er ook andere partijen die een rol kunnen spelen bij het overbrengen van de pensioenboodschap. Bij de verschillende life events die invloed hebben op de pensioensituatie komt de deelnemer vaak in contact met bepaalde instanties of personen: de notaris bij het kopen van een huis, de gemeente bij trouwen en scheiden, de Kamer van Koophandel bij het starten van een eigen bedrijf, enzovoorts.

Deze organisaties kunnen een rol spelen bij het uitdragen van de pensioenboodschap. Om dit effectief op te zetten is Pensioendesk Nederland continue op zoek naar samenwerkingen binnen de pensioensector.

7. Gelaagdheid van de informatie

Omdat niet alle deelnemers behoefte hebben aan, en niet gebaat zijn bij, een zelfde hoeveelheid informatie is het goed om de pensioeninformatie gelaagd aan te bieden.

Wij starten tijdens onze groepsbijeenkomsten altijd met duidelijke en concrete basisinformatie, en bieden deelnemers die behoefte hebben aan meer informatie de mogelijkheid om deze eenvoudig te verkrijgen.

8. Vertrouwen in de pensioenadviseur

Een goede relatie met de deelnemer zorgt ervoor dat de deelnemer de pensioenadviseur vertrouwt, en hij eerder geneigd zal zijn informatie van de pensioenuitvoerder tot zich te nemen. Wij hebben tot doel vertrouwensband met u en uw werkgever op te bouwen om u consistent, begrijpelijk, pro-actief en eerlijk te informeren.

Bij incidenten is het verstandig om pro-actief openheid van zaken te geven. Wij communiceren richting u en uw werkgever ook als het niet persé moet. Dit in het kader van onze nazorg. 

Pensioen dga in eigen beheer afgeschaft per 1 april 2017. Wat nu?

En wat wordt dan het lot van reeds in eigen beheer opgebouwde pensioenen? Voor bestaande pensioenvoorzieningen wordt de mogelijkheid geboden om deze in 2017 - 2018 - 2019 af te stempelen naar de fiscale waarde. Daardoor verdwijnt de dividendklem en is er in zoverre geen belemmering meer voor het uitkeren van dividend. Direct na afstempeling moet het het pensioen worden afgekocht (met korting) of worden omgezet in een spaarvariant bij de eigen B.V.  'oudedagsverplichting' (ODV).

Deze DGA’s profiteren ten opzichte van de bestaande regels van een forse tegemoetkoming in de loonbelasting door over het verschil tussen de werkelijke waarde van het pensioen en de (afgeknepen) fiscale waarde geen loonbelasting (max. 52%) en ook geen revisierente (20%) verschuldigd te zijn. Het is niet verplicht om gebruik te maken van deze mogelijkheden; de reeds opgebouwde pensioenrechten mogen 'pensioen' blijven en in eigen beheer worden aangehouden.

Met ingang van 1 april 2017 zijn er derhalve 3 keuzemogelijkheden:

  1. Afstempelen naar fiscale waarde + afkoop van het pensioen.
  2. Afstempen naar fiscale waarde + omzetting in oudedagsverplichting bij de eigen B.V).
  3. Handhaven van het 'pensioen in eigen beheer'.

Welke keuze het voordeligste is, is niet in zijn algemeenheid te zeggen. Dat moet per DGA worden afgewogen en berekend!

Keuzemogelijkheden 1 en 2 behoeven schriftelijke goedkeuring van de partner. De gemaakte keuze moet binnen een maand na de dag van afkoop/omzetting middels een formulier aan de Belastingdienst worden gemeld onder opgave van de fiscale en werkelijke ('commerciële') waarde(n) van de pensioenvoorziening.

Het heeft lang geduurd voordat de minister enige duidelijkheid heeft verschaft over de positie van de partner, eventuele schenking door de partner bij medewerking aan afstempelen en het moment van en de wijze van compensatie van de partner voor het opgeven van rechten op het (partner)pensioen. Op dit vlak bestaat helaas nog altijd geen volledige duidelijkheid. 

De soep lijkt zoals zo vaak minder heet dan wanneer ze werd opgediend. Zo is inmiddels duidelijk dat in gemeenschap van goederen gehuwden het het makkelijkst hebben (geen compensatie van de partner nodig). Bij gehuwden onder huwelijkse voorwaarden is de inhoud van de voorwaarden bepalend voor de vraag of compensatie van de partner nodig is om 'schenking' te voorkomen.

Als compensatie nodig is, zijn partners vrij om te bepalen hoe ze dat doen. De compensatie kan bijvoorbeeld gezocht worden in (of een combinatie van) een wijziging van de huwelijksvoorwaarden, door (bij keuze voor afkoop) de afkoopsom te delen, een partnerpensioen te verzekeren bij een verzekeraar, een overlijdensrisicoverzekering te sluiten of door af te spreken dat in voorkomend geval (echtscheiding) compensatie zal plaatsvinden (voorwaardelijke compensatie). Helaas is de partnerproblematiek - ondanks de vele vragen die zijn gesteld - voor een aantal situaties nog niet duidelijk toegelicht.

Voor DGA's die voor afkoop (=uitkering ineens) kiezen geldt een korting op de grondslag van 34,5% (bij afkoop in 2017, na 31 maart), 25% (2018), 19,5% (2019), waarbij voor de berekening van de korting wordt aangesloten bij de pensioenvoorziening per 31 december 2015 (om anticipatie te voorkomen). Bij een korting van 34,5% op het hoogste tarief van 52% bedraagt de effectieve druk 34%. Tijdens de behandeling van het wetsvoorstel door de Eerste Kamer heeft staatssecretaris Wiebes aangegeven dat voor afkoop van het pensioen geen medische waarborgen door de B.V. hoeven worden gevraagd.

N.B. Het is zeer onverstandig om het pensioen af te kopen voordat de Wet Uitfasering van pensioen in eigen beheer in werking is getreden. Er zal dan sprake zijn van heffing van loonbelasting (max. 52%), vermeerderd met revisierente (20%) over de werkelijke waarde van het pensioen, zonder korting op de heffingsgrondslag.

Bij keuze voor de oudedagsverplichting wordt de bestaande waarde van de pensioenvoorziening omgezet in de voorziening voor oudedagssparen in eigen beheer en vervolgens jaarlijks tot aan de pensioendatum vermeerderd met een bescheiden rente ("u-rendement"). Vanaf de pensioendatum zal de B.V. vervolgens uitkeringen doen met een looptijd van 20 jaar.

De uitkering in het eerste jaar bedraagt 1/20 van het bedrag van de oudedagsverplichting. In het tweede jaar wordt - rekeninghoudend met afname van de verplichting met het in het voorafgaande jaar uitgekeerde bedrag en met toename door optellen van het u-rendement - de uitkering gesteld op 1/19, etc. De uitkeringen mogen maximaal 5 jaar eerder ingaan dan op de pensioendatum, maar dan moet de uitkeringsperiode met een gelijk aantal jaren worden verlengd.

Ook DGA's met een reeds ingegaan pensioen in eigen beheer kunnen voor omzetting in de oudedagsverplichting kiezen, hetgeen vaak tot een lagere pensioenuitkering zal leiden (en ruimere mogelijkheden tot dividenduitkering). 

Dit zal voor veel DGA's waar keuze voor afkoop niet mogelijk/gunstig is een goede keuze zijn. Het maken van deze keuze behoeft goedkeuring van de partner (hetgeen in bepaalde gevallen een belemmering zal blijken).

N.B. De oudedagsverplichting kan op elk moment geheel of gedeeltelijk worden afgestort naar een lijfrente bij een bank, verzekeraar of (nieuw m.i.v. 2017) beleggingsinstelling.

Wanneer niet gekozen wordt (dan wel niet gekozen kan worden, bijvoorbeeld in verband met de partnerproblematiek) voor afkoop van het pensioen of voor omzetting in de oudedagsverplichting betekent dat de handhaving van het reeds opgebouwde (bevroren) pensioen in eigen beheer volgens de regels per 31 maart 2017.

Verdere opbouw van pensioenrechten in eigen beheer is niet mogelijk met ingang van 1 april 2017, waarbij nog wel een coulance-termijn van 3 maanden geldt (eindigend per 1 juli 2017!!). Wel zal jaarlijks de pensioenvoorziening tot aan de pensioendatum nog actuarieel oprenten, dus jaarlijks wat toenemen als gevolg van het dichterbij de pensioendatum komen en eventuele indexatie van opgebouwde pensioenrechten. Er is jaarlijks een actuariele pensioenbetekening nodig. De pensioenklem blijft bestaan. Voor reeds ingegane pensioen in eigen beheer geldt dat de uitkering niet wijzigt als gevolg van de wetswijziging.

Deze variant is denkbaar bij DGA's die naar een zo hoog mogelijke pensioenuitkering streven en de dividendklem - die in stand blijft - geen belemmering vormt voor dividenduitkeringen. En deze variant zal - tegen wil en dank van de DGA - aan de orde zijn als de (ex-)echtgenote niet meewerkt aan afkoop of omzetting in oudedagsverplichting.

Er zijn voor de DGA diverse mogelijkheden om te voorzien in de oudedag.

  • niet meer opbouwen
  • opbouwen via een lijfrenteverzekering/lijfrentesparen/lijfrente-beleggen bij een bank, verzekeraar of beleggingsinstelling
  • sparen of beleggen uit netto-loon of dividend (fiscaal in box 3) 
  • in de B.V. sparen (fiscaal box 2), en t.z.t. (deels) gaan leven van dividend; deze mogelijkheid noemt Staatssecretaris Wiebes 'netto-sparen'
  • een pensioenverzekering starten bij een verzekeraar
  • zorgen voor aflossing van de hypotheek (lage woonlasten tijdens pensionering)

De verschillende keuzemogelijkheden kennen verschillende fiscale aspecten, waarbij in de afweging rekening moet worden gehouden.